![]() |
FRUITTEELTCENTRUM |
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Project Controle van bewaarschimmels bij appelvruchten, genetisch gemodificeerd met AMP-genen
Bij de productie van appel kunnen na de oogst nog zeer grote verliezen optreden, die hoofdzakelijk veroorzaakt worden door schimmelziekten. De controle van deze bewaarschimmels gebeurt hoofdzakelijk door toepassing van chemische bestrijdingsmiddelen vlak voor en/of na de oogst. Er is echter nood aan alternatieve bestrijdingsmethoden omdat sommige bewaarschimmels resistentie ontwikkeld hebben tegen fungiciden met een specifieke werking en bovendien vraagt de consument naar een residuvrij product. Via moleculaire veredeling kan een natuurlijke resisentie opgebouwd worden in de appel die bescherming biedt tegen aantasting door schimmels. Aan het Fruitteeltcentrum werd de appelcultivar Jonagold getransformeerd met genen coderend voor antimicrobiële peptiden (AMP’s). Deze AMP’s vertonen in vitro een sterke werking tegen verschillende schimmels, waaronder ook bewaarschimmels. In dit project wordt onderzocht of de AMP’s ook in vivo, in een appel, een bescherming kunnen bieden tegen bewaarschimmels. Er wordt gewerkt met drie verschillende AMP’s: Ah-AMP (geïsoleerd uit Paardekastanje), Ace-AMP (geïsoleerd uit ajuin) en Rs-AMP (geïsoleerd uit Radijs).
De moleculaire karakterisatie van de AMP-lijnen bestaat uit de meting van de expressie van de AMP’s in appel en de studie van het integratiepatroon van het transgen. Er werd een protocol op punt gesteld voor de eiwitextractie uit blad- en vruchtweefsel, vervolgens werd de ELISA-techniek voor het meten van de expressie van de AMP’s op punt gesteld en toegepast op de verschillende transgene lijnen. De resultaten van de AMP-expressie in bladmateriaal is weergegeven voor de verschillende Rs- AMP-lijnen.
Het integratiepatroon wordt bestudeerd met de Southern blot techniek. Met deze techiek kan het aantal inserties en het aantal kopijen van het transgen bepaald worden. Voor een groot aantal lijnen kon worden aangetoond dat er meerdere kopijen van het transgen geïnsereerd zijn. Dit zou de variabele en eerder lage expressie van de AMP’s (zie tabel) gedeeltelijk kunnen verklaren.
De resultaten van de ELISA-testen hebben een sterk variabele AMP-expressie aangetoond tussen twee stalen van eenzelfde transgene lijn (zie tabel). Daarom zal in dit project ook getracht worden een inzicht te krijgen in de variabiliteit in transgenexpressie door onderzoek op verschillende transgene GUS-lijnen van appel. Er zullen MUG-analyses (meting van de GUS-expressie), Northern blots en GUS-kleuringen uitgevoerd worden bij verschillende trangene GUS-lijnen in verschillende ontwikkelingsstadia van de appelplant. Ook het integratiepatroon van de GUS-lijnen zal grondig onderzocht worden zodat een verband kan gezocht worden tussen het integratiepatroo, het expressieniveau en de stabiliteit van expressie van transgenen.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
![]() |
Copyright © 2001 Katholieke Universiteit
Leuven Reacties op de inhoud: Professor Johan Keulemans Realisatie: Kathy Troch Laatste wijziging: augustus 2001 URL: http://www.kuleuven.ac.be/dtp/ftc.htm |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||